Innerlijk kind

De bibber in het begeleiden

Een gelukkig mens heeft het innerlijk kind in zich bewaard, een mooie spreuk die trots prijkt op het diploma dat wij krijgen uitgereikt na ons weekend Criticus en het Kind van binnen. Vonden we het makkelijk om de criticus te vinden, te beschouwen, erom te lachen en te beoordelen, met het kind van binnen verliep het anders. We werden serieuzer, ingetogener. Hier ging het om iets kwetsbaars, iets dat ons zeer nabij was en is. Het kind zit in ons. Wij zijn het ten diepste.

Kwetsbaar en nabij

Ons innerlijke kind is de plek, het iets, waar we het meest kwetsbaar zijn geweest of zijn. Ons meest gevoelige deel. Het deel met de grootste behoeften en de diepste verlangens. Snel geraakt als er sprake lijkt te zijn van kritiek. Geneigd tot vechten of vluchten wanneer we weerstand ondervinden. Het is ook het deel dat liefheeft, trouw is, zich overgeeft, zich hecht in zijn meest pure vorm, het gelovige deel, het pure blije deel. Het is het stuk natuur in ons die ervoor zorgt dat we gaan dansen bij mooie muziek, dat we blij worden van bloemen, een kus of een kroning. Gevoelig als het is, reageert het kind van binnen primair, direct, spontaan. Wij zijn er trots op.

Het kind doet mee

Serieus of speels, ons innerlijke kind doet nog steeds mee en wel vaak zo dat we het ons niet bewust zijn. Geraffineerd, verfijnd, samenvallend met wie je nu denkt te zijn. Ineens zit je weer in het keukenkastje (er waren toch nog pinda’s? ) of blijkt dat je een onderwerp in de begeleiding niet goed kunt spiegelen. Dat je om de hete brij heen draait. Dat het bange iets van de ander raakt aan jouw bange iets waardoor rustig spiegelen plaats maakt voor gespannen bibberen.

De bibber in het begeleiden..

Ik merkte het ook bij mijn collega-begeleiders in opleiding. Die wonderlijke onzekerheid die zo plotseling op leek te komen. Een tastend, ingewikkeld zoeken dat niet goed verklaarbaar leek en niet leek aan te sluiten bij onze ervaring met het focussen. Een gespannenheid op het onderwerp, in een woord, een zin. Tot ik er achter kwam dat ik tijdens het begeleiden regelmatig de neiging had om weg te willen vluchten. Dat er onder mijn ogenschijnlijke Presence een innerlijk kind zand in mijn ogen zat te strooien. Een innerlijk kind dat dingen in het gesprek eng vond en aangaf ervan weg te willen rennen.

…en waar je dan vanaf wilt

Omdat ik het eerst niet in de gaten had, gaf het vooral een heel onrustig en gespannen gevoel tijdens het begeleiden. Er klopte iets niet, maar ik kon er niet goed achter komen wat het dan was. Ik viel er mee samen. En dan kom je bij iets geks, een vreemd soort dilemma, namelijk dat je af wilt van iets dat je doorgaans ook het meest nabij is: je innerlijke kind.
Ik moest er even aan wennen.

*Dit blog gaat specifiek over de rol van ons innerlijke kind dat opkomt in het begeleiden van anderen. Het is in 2013 gepubliceerd in Focusnieuws, en maakt deel uit van een drieluik over de innerlijke criticus en het kwetsbare innerlijke kind in ons, en onze innerlijke vriendin!